Elektrische bussen onderweg

17 januari 2018

Door Erik te Roller, verschenen in Shell Venster nr. 1 van 2018

Ook de zware jongens van de weg gaan om. Bussen en
vrachtwagens moeten snel schoner en allerlei partijen werken
daar hard aan. Vooralsnog is die elektrische variant echter wel
ongeveer twee tot drie keer zo duur in aanschaf.

Bijna twee jaar geleden spraken regering, provincies en vervoersregio’s af, dat alle nieuwe bussen in het openbaar vervoer vanaf 2025 ‘emissievrij aan de uitlaat’ zullen rijden, dat wil zeggen op elektriciteit van accu’s of op waterstof. In 2030 moet de gehele vloot van stadsbussen en regionale bussen emissievrij zijn.

De orderstroom voor elektrische bussen en de levering ervan is inmiddels goed op gang gekomen. In het kielzog hiervan verschijnen dit jaar ook de eerste elektrische vrachtwagens op de weg en volgen waarschijnlijk de eerste coaches en vrachtwagens voor de lange afstand met hybride aandrijving, later gevolgd door coaches en vrachtwagens op waterstof.

Eerste orders
De Nederlandse bedrijven Ebusco en VDL, maar ook het Chinese BYD profiteren van deze ontwikkeling. VDL bijvoorbeeld heeft eind 2016 aan vervoersmaatschappij Hermes, onderdeel van Connexxion, 43 elektrische bussen geleverd voor het stadsvervoer in Eindhoven. Deze bussen van achttien meter lengte leggen elk zo’n 250 à 300 kilometer per dag af. In de eerste maanden van het komende jaar neemt Connexxion honderd van deze bussen in gebruik voor het openbaar vervoer in de regio rond Schiphol. “Als je kijkt naar hoeveel elektrische bussen er in Europa in totaal rondrijden, dan is dat best veel en loopt Nederland hiermee voorop”, zegt Menno Kleingeld, directeur van VDL Enabling Transport Solutions.

VDL maakt de meeste onderdelen van de carrosserie en het chassis van de bussen zelf en laat de rest door toeleveranciers produceren. De onderdelen van elektrische aandrijving inclusief de accu’s koopt het bedrijf in. “We doen zowel aan systeemintegratie als assemblage. De bussen ontwerpen we volledig zelf en brengen we onder eigen vlag uit”, licht Kleingeld toe. Lees verder

{ Comments on this entry are closed }

Door Erik te Roller, verschenen in Shell Venster, juli 2017

Hoe gaan we in 2050 op vakantie? Stappen we met zelfrijdende rolkoffers in een drone-achtige taxi, die ons bij de dichtstbijzijnde luchthaven afzet om over te stappen op een elektrisch vliegtuig dat ons naar een zonnige bestemming vervoert? Of gaan we met een eigen elektrisch vliegende auto naar Frankrijk en stijgen we even buiten de stad op vanaf een speciale startstrook op de snelweg?

Niemand kan met zekerheid de toekomst voorspellen. Maar dromen staat natuurlijk vrij, zeker over vakantiereizen. Feit is dat de eerste experimentele elektrische vliegtuigen er al zijn en dat elektrisch of hybride vliegen zeker gaat komen. Toch zal het nog wel even duren voordat we massaal met elektrische vliegtuigen op vakantie kunnen, zo verwacht Joris Melkert, docent lucht- en ruimtevaart- techniek aan de Technische Universiteit Delft.

“Niet bij de komende generatie vliegtuigen, maar bij de generatie daarna zullen er hybride vliegtuigen zijn die met honderd passagiers vijfhonderd en misschien wel duizend kilometer kunnen overbruggen. Volledig elektrisch vliegen kan voorlopig alleen met kleine vliegtuigen van vier tot zes personen, die nu nog in de testfase verkeren”, zegt Melkert. Een elektrisch vliegende auto sluit hij daarnaast niet uit. “Ik denk alleen niet dat die mainstream zal worden.”

Minpunt
Reizen per vliegtuig is ideaal. Enige minpunt is dat het bijdraagt aan het smelten van de poolkappen, zij het nog bescheiden. Melkert: “De luchtvaart neemt twee à drie procent van de totale CO2-uitstoot in de wereld voor zijn rekening. Dat aandeel groeit echter snel, omdat de luchtvaart een op een groeit met de welvaart.

Andere sectoren van de economie groeien ook, maar slagen er beter in de CO2-uitstoot te beperken. Naarmate mensen, waar ook ter wereld, meer geld verdienen, willen ze over grotere afstanden reizen. Daardoor groeit de luchtvaart met vijf tot zeven procent per jaar, crisis of geen crisis, met als gevolg dat de luchtvloot in 2030 tweemaal zo groot zal zijn als nu en in 2050 viermaal zo groot.

De uitstoot groeit vrijwel in hetzelfde tempo. Om die te kunnen beperken, moeten er goede internationale afspraken komen. De luchtvaart is echter uitgezonderd van het Verdrag van Parijs. Wel streeft de Internationale Burgerluchtvaartorganisatie (ICAO, International Civil Aviation Organization/red) naar een nulgroei van de emissies na 2027. We staan al met al voor een grote uitdaging.”
Emissies

Volgens Melkert zijn er voorlopig vier manieren om de emissies van de luchtvaart te beperken: vlootvernieuwing, andere brandstoffen, hybride vliegen en elektrisch vliegen. Nieuwe vliegtuigen zijn twintig procent zuiniger dan hun voorgangers en stoten navenant minder CO2 uit.

Lees verder

{ Comments on this entry are closed }

Door Erik te Roller, verschenen in Solids Processing, april 2016

De Duitse start-up Susteen Technologies GmbH komt naar Nederland met zijn thermokatalytische reforming proces (TCR®), een veredelde pyrolysetechnologie. Met relatief kleine installaties kunnen klanten straks op decentrale locaties diverse soorten biomassa omzetten in synthesegas, houtskool en olie van dieselkwaliteit, die ze vervolgens als brandstof of grondstof voor wat anders kunnen inzetten. Langs deze weg is het mogelijk meer dan zeventig procent van de energie uit biomassa te benutten.

“Het mooie van deze TCR®-technologie is, dat je er allerlei reststromen mee kunt verwerken tot verschillende producten naar keuze. ‘Multi-input en multi-output’, daar komt het kort gezegd op neer”, zegt Hennie Zirkzee, technisch directeur van Susteen Technologies.

Proefopstelling van een TCR-installatie Lees verder

{ Comments on this entry are closed }